De valse snaar (14)

In Fictie, Heerlen, Verhalen door Nancy Bastiaans-LommenPlaats een reactie

valse-snaar-14

Kel en De Jong bezoeken de Pancratiuskerk voor verder onderzoek. Bij het aanraken van de deur slaat de klok. Het is een alarmsysteem. Ze horen voetstappen. Bij binnenkomst is de kerk leeg alleen een klik galmt na. Ze lopen op het geluid af naar het oksaal. Als ze daar niets aantreffen gaat Erik op de orgelkruk zitten en raakt de toetsen. Het orgel beweegt en schuift de muur in.

inParkStad Advertentie

Erik en André trekken hun wapen en gaan aan weerszijden van de ontstane opening staan. Ze buigen iets voorover om in het trapgat te kijken. Net als Kel fluistert dat ze versterking nodig hebben fluiten de kogels om hun oren. ‘Shit. De Jong aan centrale, stuur versterking naar de Pancratiuskerk.’ Kel schiet blind terug en gebaart Erik weg te stappen terwijl hij hetzelfde doet. De kogelregen stopt. Gruis dwarrelt van het plafond en een klein mariabeeld valt van de sokkel. ‘Wat nu, André?’
‘We wachten.’

Stemmen en voetstappen weerklinken vanuit de diepte. ‘Ze ontsnappen André,’ Erik doet een stap naar voren en buigt voorzichtig voorover. Hij wenkt Kel hetzelfde te doen. ‘De kust is veilig.’ Na iedere trede stoppen ze even, luisteren en dalen verder af. Sirenes kondigen de versterking aan waarna ze hun pas versnellen. De gang verlicht met toortsen is leeg. Behalve gezoem horen ze hier beneden niets. Boven hen gestommel en de stem van hun collega. Kel draait zich om en kijkt op. ‘Hierheen.’ Nicolette en haar gevolg rennen de trap af. ‘Jij gaat terug Maas. Zorg dat de kerk wordt omsingelt. Ze mogen niet ontsnappen.’ Gert en Hélène lopen vooruit en gebaren telkens als de kust veilig is. Anke zorgt voor rugdekking. Ze komen bij een massief houten deur uit, waar moeilijk beweging in te krijgen is. Het zoemen neemt in volume toe. Met zijn vijven beuken en duwen ze net zolang tot de deur ver genoeg open en ze zich erdoor kunnen wurmen. De grote gewelfde ruimte is gevuld met mensen die met gebogen hoofden in een kring staan. Ze dragen een gewaad met capuchon. Onverstoorbaar humt de menigte en wijkt dan uiteen. In het midden staat een man die zijn hoofd recht. ‘Ik word gek, Erik. Zie jij wat ik zie?’ (wordt vervolgd)

Over de schrijver

Nancy Bastiaans-Lommen

is geboren en getogen in het centrum van Heerlen. Tot haar 36e heeft ze er gewoond en ook voor een groot deel haar werkzame leven als adviseur personeelszaken doorgebracht. Zo'n tien jaar geleden besloot ze met haar man de rust op te zoeken in het nabij gelegen Wijnandsrade. Inmiddels is ze teruggekeerd naar de stad waar haar hart ligt, Heerlen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.