Fictie: Het mysterie van de vier seizoenen – deel II

In Fictie, Heerlen door Nancy Bastiaans-LommenPlaats een reactie

Fictie op vrijdag - deel II

De eerste weken na Mandy’s dood overheersten verdriet, ongeloof en onrust. We werden naar school gebracht en gehaald en het buitenspelen bleef beperkt in tijd en plaats. Alleen in de Zomerstraat mochten we nog spelen. Daar hadden onze ouders goed zicht op ons.

inParkStad Advertentie

Op een dag riep Harry ons bij zich. Hij bood zijn excuses aan. De politie zag geen reden om van een misdrijf uit te gaan. Mandy had suikerziekte en was waarschijnlijk bezweken aan een veel te lage bloedsuikerspiegel. Ze had niets bij zich om de hypo, zoals ze dat noemen, tegen te gaan. Het enige wat ze had was een ‘toverkauwgom’ en die nam ze in een poging uit de hypo te komen. Dat verklaarde de blauwe tong, die we toevallig die bewuste dag allemaal hadden. Onze ouders lieten na deze mededeling de teugels weer vieren. Het gevaar was geweken of beter gezegd, het was er volgens hen nooit geweest.

Bas en ik geloofden niet in de opgegeven doodsoorzaak. In de weken voor Mandy’s dood werden verschillende kinderen na de schoolpauze ziek en telkens was die vreemde lange man, onze achtervolger, in de buurt. Bang om onze vrijheid opnieuw te verliezen, spraken Bart en ik af er met niemand over te praten.

Een nieuwe klasgenoot zorgde gelukkig voor de broodnodige afleiding. Freek was een vrolijke jongen met een dikke bos donkere krullen en grappige kuiltjes in zijn wangen. Het klikte meteen. Hij vertelde dat zijn vader al langer in het huis aan de rand van het Aambos woonde. Zijn ouders waren gescheiden en vanaf nu woonde Freek bij zijn vader in de Oliemolenstraat.

Tussen het geluk van weer meer vrijheid en de uitbreiding van onze vriendenclub door, bereikte ons opnieuw vreselijk nieuws. Een jongen uit een andere klas was voor zijn huis op de Valkenburgerweg dood aangetroffen. Naast hem lagen snoepwikkels met daarop het logo van het fopwinkeltje.

Bas en ik hadden geen woorden nodig om te weten dat we hetzelfde dachten. We hadden ‘hem’ weer gezien bij de school en hij zwaaide naar ons. Alleen Freek zwaaide terug. Anja zag dit gelukkig niet. We wilden Freek niet bang maken en hadden ook geen zin in grappen van Anja. Zij liet al eerder duidelijk merken het verhaal over de ‘achtervolger’ niet serieus te nemen.

Bas en ik spraken af elkaar die avond, als iedereen naar bed was, stiekem op het balkon van onze aan elkaar grenzende slaapkamers te treffen. Dit deden we vaker voor de lol. Nu moesten we een plan bedenken om de enge man – en in onze ogen de moordenaar van Mandy en nu ook Patrick – in de val te lokken.

Over de schrijver

Nancy Bastiaans-Lommen

is geboren en getogen in het centrum van Heerlen. Tot haar 36e heeft ze er gewoond en ook voor een groot deel haar werkzame leven als adviseur personeelszaken doorgebracht. Zo'n tien jaar geleden besloot ze met haar man de rust op te zoeken in het nabij gelegen Wijnandsrade. Inmiddels is ze teruggekeerd naar de stad waar haar hart ligt, Heerlen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.