De steen van Vrouwenheide

In Verhalen door Robert Nijboer2 Reacties

Koning van de Kolen

Einde vorige week ontving Burgemeester Wil Houben (voorzitter van het Jaar van de Mijnen) uit handen van oud-koempel Harry Deloo en Wiel Niks (voorzitter van het Nederlands Mijnmuseum in Heerlen) het spel ‘Koning van de Kolen’. Dit gebeurde bij de ‘Steen van Vrouwenheide’, het nulpunt voor voor het gehele zuidlimburgse mijngebied. Aan deze onopvallende steen stappen de meeste wandelaars zonder op te kijken voorbij. Deze steen is echter een van de nulpunten die gebruikt zijn voor het in kaart brengen van Nederland. De steen is nog steeds bij het kadaster geregistreerd. Wiel Niks geeft verdere uitleg:

inParkStad Advertentie

‘De Staat is de eigenaar van de ondergrond en de zich daarin bevindende delfstoffen zoals steenkool. Deze moest destijds vergunning of concessie verlenen tot het delven van kolen, c.q. het exploiteren van een steenkolenmijn. Deze concessie of vergunning werd slechts verleend, voor een nauwkeurig vastgesteld en begrensd gebied. Vandaar de noodzaak van een coördinatiesysteem waar deze steen onderdeel van is.

Een markant punt, maar slechts nauwelijks nog her(ge)kend
Eveneens diende de afbouw in de ondergrondse werken exact te worden bewaakt en in kaart gebracht i.v.m. veiligheidsvoorschriften en tevens om een economisch en mijnbouw- technisch verantwoorde afbouw mogelijk te maken. Hiertoe zijn mijnplannen en mijnkaarten vervaardigd, verkregen uit ondergrondse opmetingen en omgewerkt tot carteergegevens. Wettelijk is voorgeschreven, dat de kaarten gecoördineerd dienen te zijn. Een coördinatiesysteem is een systeem om te komen tot een plaatsbepaling, het z.g. “nulpunt”. M.b.t. het “nulpunt” zijn er in Nederland drie verschillende coördinatensystemen te onderscheiden:

1. het systeem der Nederlandse rijksdriehoeksmeting (RDM) met als “nulpunt” de toren van de O.L. Vrouwe kerk te Amersfoort;
2. het systeem van het Nederlands mijngebied met als “nulpunt” het rijksdriehoekspunt (triangulatiepunt) te Ubachsberg (zoals op de foto te zien);
De steen in 19043. het systeem der Oranje Nassau-mijnen met als nulpunt het midden van schacht 2 van de Oranje Nassau I mijn te Heerlen, waar thans het Nederlands Mijnmuseum is gevestigd.

De steen van Vrouwenheide

‘Het Mijnreglement schrijft voor dat de ondergrondse kaarten op het rijksdriehoeksnet (RDM) moeten zijn aangesloten en het is om deze reden dat het rijksdriehoekspunt te Ubachsberg voor het hele mijngebied van Zuid Limburg als “nulpunt” is aangewezen.
De steen op de foto geeft de plek aan waar de aansluiting van het systeem van het Nederlands mijngebied op het systeem van de Nederlandse rijksdriehoeksmeting plaatsvindt. Een heel markant punt dus, maar slechts nauwelijks nog her(ge)kend. Van hier uit werden “hoogte” en coördinaten overgezet naar de kerktoren van Ubachsberg en van daaruit naar de ON-schacht in Heerlen enerzijds en via het kerktoren-net naar Amersfoort.’

Waarom vanuit hier?

‘Omdat dit gebied geen mijnbouw heeft gekend (geen steenkoollagen!) en er dus nauwelijks beweging in de ondergrond is.’

De steen staat nu in al zijn onopvallendheid langs een van de veelbewandelde paden in het Zuid-Limburgse landschap. Niemand vraagt zich af waarom deze steen hier staat. Wiel Niks maakt zich er sterk voor om op bij dit punt een bord te plaatsen waarop meer informatie over de steen te vinden zal zijn, zodat ook dit punt uit onze rijke mijnhistorie, niet verloren zal gaan.

Op de foto (v.l.n.r.: de steen van Vrouwenheide, Burgemeester Wil Houben, Wiel Niks, Harry Deloo). Op de afbeelding met de ansichtkaart (uit 1904) is te zien dat in het verleden heel lang een toren boven de steen heeft gestaan.

2 reacties op “De steen van Vrouwenheide”

Reageer

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.